Gerechtigheid voor Max Verstappen, rechtbank toch even uit de bocht

Door: 
Patrick Hoefsmit
4/10/17

Gelukkig heeft het recht gezegevierd en is door de rechtbank van Amsterdam uitgesproken dat het gebruik van een lookalike van Max Verstappen in de reclame van Picnic onrechtmatig is. De rechter bepaalt dat hij recht heeft op een redelijke vergoeding. De hoogte daarvan moet nog worden uitgevochten.

Het argument van Picnic dat Max Verstappen al een exclusief contract had met Jumbo en daardoor sowieso niet voor Picnic had kunnen optreden is naar de prullenbak verwezen. Het voorgestelde bedrag van €350.000 door het sportmarketingbureau dat in de arm is genomen door Max Verstappen wordt echter niet geaccepteerd omdat dit bureau ook voor Red Bull werkt en dus niet onafhankelijk is.

So far so good. Maar in het eind van het vonnis vliegt de rechtbank volgens mij uit de bocht. Door een schot voor de boeg aan partijen te geven voor het bepalen van de hoogte van de schade. Zij stelt namelijk: “Ook dient rekening te worden gehouden met de omstandigheid dat van de zijde van eiser 2 [Max Verstappen] geen enkele inspanning is verleend aan de totstandkoming van de commercial van Picnic.”

Dat is lekker. Dan kunt u, doorgeredeneerd, wel ophouden met het claimen van schade in vrijwel elke intellectueel eigendomszaak. Ter vergelijk: U gebruikt de drie strepen van Adidas op nepartikelen. Omdat Adidas geen enkele inspanning heeft verleend bij de totstandkoming van deze neppers wordt daar bij het bepalen van de geleden schade rekening mee gehouden? Te gek voor woorden natuurlijk.

Mijn advies om hier vooral géén rekening mee te houden zal door de rechtbank ook niet geaccepteerd worden, want ik ben als de merkgemachtigde voor alle merken, logo’s en modellen die Max Verstappen in ruim 75 landen door Merk-Echt heeft laten registreren, bepaald niet onafhankelijk. GoMax, Go!